PROJECT
Wat mest ons kan vertellen
Onderzoek naar de mogelijkheden en beperkingen van rundermest als onderzoeksmateriaal voor vegetatiereconstructies
Innovatiethema:
Het doel van dit onderzoek is om een fundamentele kennis te ontwikkelen over de (variatie van) de botanische samenstelling van rundermest in relatie tot het begraasde landschap.
Al vanaf de vroegste boeren zal mest van vee alom op en om nederzettingsterreinen in Nederland aanwezig zijn geweest. Met name grote grazers zoals runderen produceren veel mest. Resten van de planten die zijn gegeten (zaden, stuifmeel, stengels) blijven in mest vaak goed bewaard. Via deze mest komen plantenresten uit het begraasde landschap op nederzettingsterreinen terecht. Eerder archeobotanisch onderzoek van mest of mesthoudende sporen uit archeologische opgravingen heeft al waardevolle inzichten opgeleverd over (semi)natuurlijke vegetaties in de omgeving van vroegere nederzettingen.
Tegelijkertijd heeft dit onderzoek veel nieuwe vragen opgeroepen over wat mest ons wel en niet kan vertellen over vegetatie in het landschap. Vergelijkingsonderzoek tussen moderne mest van grazers en het begraasde milieu is van belang om de samenstelling van archeologische mest eenduidiger te kunnen interpreteren.

Wat mest ons kan vertellen
Dit project betreft een experimenteel onderzoek naar veranderingen in de botanische samenstelling (pollen, macroresten) van moderne rundermest tegen de achtergrond van gelijktijdige (veranderingen in) aanwezige vegetatie gedurende het jaar. Hiervoor is in twee verschillende natuurgebieden elke maand mest van vrij-grazende runderen verzameld en zijn de (ontwikkelingen van) aanwezige plantensoorten gedocumenteerd. Met deze innovatieve benadering wordt gebouwd aan fundamentele kennis over mest als archeologisch onderzoeksmateriaal, die vertaald kan worden naar landschappen in het verleden.